OP0. Basisvaardigheden
OP0. Basisvaardigheden
OP0. Basisvaardigheden
Voor de basisvaardigheden Nederlandse taal, Rekenen-wiskunde en Burgerschap is binnen Ulingshof een doelgericht en samenhangend curriculum vastgesteld dat past bij onze leerlingenpopulatie. We maken daarvoor gebruik van verschillende leerlijnpakketten:
Onderwijsgroep | Naam leerlijnenpakket | Leergebieden |
Peuters en Jonge Kind | Leerlijnen peuters en jonge kind (Driestar educatief) | Motoriek Spel Taal Rekenen |
OZG Leerroute 1 en 2 | OGB Leerroute 1 en 2 (CED en Plancius zijn als basis gebruikt) | Communicatie Sensomotoriek Sociaal- emotionele ontwikkeling Zelfredzaamheid Taakontwikkeling Rekenen (alleen leerroute 2) |
leerroute 2 t/m 4
| Rekenen (Rekenboog)
CED VSO 2012 incl. ZML SO en Plancius | Rekenen
Mondelinge taal Schriftelijke taal: (voorbereidend) technisch lezen Leren taken uitvoeren Werkhouding en aanpak gedrag (alleen voor SO)
|
Leerroute 5 t/m 7
| Passende perspectieven (rekenen)
CED Basis met Herziene leerlijnen (incl. planning) | Getallen Verhoudingen Meten Meetkunde Verbanden
Leren leren Lezen Schrijven Spreken Taalbeschouwing |
Voor leerroute 2 t/m 7 zijn per vakgebied richtlijnen opgesteld hoeveel tijd in het onderwijsprogramma besteed wordt aan de diverse onderdelen van de basisvaardigheden (zie onderstaande overzichten).
Nederlandse taal
Leerroute 5, 6 en 7
Leerlijn
| Doelgerichte instructie en oefening | Geplande tijd per week in minuten per leerjaar | |||||
1/2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7/8 | ||
Taal | Minimaal elke dag 2 x 30 minuten met doelgerichte taalactiviteiten. Belangrijke onderdelen: · Ontluikende geletterdheid · Fonemisch bewustzijn en letterkennis · Mondelinge taalontwikkeling · Woordenschat Naast de doelgericht taalactiviteiten wordt in alle activiteiten impliciet aandacht voor taalontwikkeling | 300 - 480 |
|
|
|
|
|
Combi: Lezen schrijven | Taal/lezen: volgens methode Veilig Leren Lezen Schrijven: volgens Schrijven in de basisschool |
| 420 |
|
|
|
|
Combi: Spreken Taalbeschouwing | Voorlezen, leesvormen en gevarieerde activiteiten rond boeken in samenhang met woordenschatontwikkeling (project). |
| 45-60 |
|
|
|
|
Lezen | Voortgezet technisch lezen: d.m.v. estafette en stillezen. Begrijpend lezen: projectmatig en Nieuwsbegrip + junior Einstein als bronnenboek. |
|
| 90-120 | 120-150 | 120 | 30-60 |
Schrijven | Schrijven: Schrijven in de basisschool Spelling: Taal actief 5 spelling |
|
| 60-90 | 45 | 30
| 30
|
Spreken | Voor spreken wordt een apart groepsplan gemaakt. Er wordt een keuze gemaakt uit de doelen voor spreken a.d.h.v. de streefplanning. Vervolgens wordt er een plan opgesteld. Er wordt gedurende de hele dag gewerkt aan de doelen van spreken. |
|
| 60 | 60 | 60-90 | 90-120 |
Leerroute 2, 3 en 4
We streven ernaar om voor alle leerlingen minimaal 2 keer 30 minuten per dag mondelinge taal/leestijd in te plannen. Het overige taalaanbod wordt geïntegreerd aangeboden binnen projecten en dagelijkse activiteiten zoals een dagopening.
Leerroute 2, 3 en 4 | Geplande tijd per week | Doelgerichte instructie en oefening | |
Leerjaar 1-2 | 300-480 | In de kleutergroepen werken we a.d.h.v. basisontwikkeling. Naast de doelgerichte taalactiviteiten vanuit de leerlijn Peuters en Jonge kind implementeren we de taalontwikkeling ook in alle andere activiteiten zoals dagopeningen, kiezen in de hoeken en kring-activiteiten. Er vinden 2 taal instructiemomenten per week plaats. Belangrijke onderdelen: · Beginnende geletterdheid · Interactief taalgebruik Ter ondersteuning wordt hierbij Nederlands ondersteund met gebaren ingezet voor leerlingen die niet of nauwelijks spreken.
| |
Leerjaar 3 t/m 8 | CED 1 en 2 | 300-480 | Belangrijke onderdelen: · Mondelinge taalontwikkeling · Woordenschat. Ter ondersteuning wordt hierbij Nederlands ondersteund met gebaren ingezet voor leerlingen die niet of nauwelijks spreken. Naast de doelgerichte taalactiviteiten implementeren we de taalontwikkeling ook in alle andere activiteiten zoals dagopeningen, kiezen in de hoeken en kring-activiteiten. |
CED 3,4,5 | 300-480 | Belangrijke onderdelen: · Ontluikende geletterdheid · Fonemisch bewustzijn en letterkennis · Mondelinge taalontwikkeling · Woordenschat Naast de doelgericht taalactiviteiten wordt in alle activiteiten impliciet aandacht voor taalontwikkeling. Methode Lezen Moet Je Doen wordt ingezet. | |
CED 6 t/m 9 | 300 | Taal/lezen volgens methode Lezen Moet Je Doen/ Veilig Leren Lezen. | |
180 | Voorlezen, leesvormen en gevarieerde activiteiten rond boeken in samenhang met woordenschatontwikkeling (project), waar nodig met behulp van Pictoschrijver. | ||
Rekenen-wiskunde
Leerroute 5, 6 en 7
Groep | Geplande tijd per week | Doelgerichte instructie en oefening |
Leerjaar 1-2 | 150 – 210 minuten | In de kleutergroepen werken we a.d.h.v. basisontwikkeling. Daarbij worden rekenactiviteiten zoveel mogelijk verweven in de dagelijkse activiteiten. Op momenten, passend bij het aan te bieden onderwerp zullen ook doelgerichte rekenactiviteiten worden aangeboden die aansluiten bij de doelen uit de leerlijn jonge kind. Hierbij wordt uitgegaan van 2 instructiemomenten per week. |
Leerjaar 3 | 240 -270 minuten | Rekenen volgens de leerlijn Passende Perspectieve in combinatie met methode Getal en ruimte junior. Elke dag 60 minuten instructie en verwerking. |
Leerjaar 4 | 240 -270 minuten | Rekenen volgens de leerlijn Passende Perspectieve in combinatie met methode Getal en ruimte junior. Elke dag 60 minuten instructie en verwerking. Tijdens het werken in de weektaak is er aandacht voor automatiseren/herhalen; 30 min per week. |
Leerjaar 5 | 250-300 minuten | Rekenen volgens methode Getal en ruimte junior: Elke dag 60 minuten instructie en verwerking. Tijdens het werken in de weektaak is er aandacht voor automatiseren/herhalen; 60 min per week. |
Leerjaar 6 | 250-300 minuten | Rekenen volgens de leerlijn Passende Perspectieve in combinatie met methode Getal en ruimte junior. Elke dag 60 minuten instructie en verwerking. Tijdens het werken in de weektaak is er aandacht voor automatiseren/herhalen; 60 min per week. |
Leerjaar 7-8 | 250-300 minuten | Rekenen volgens de leerlijn Passende Perspectieve in combinatie met methode Getal en ruimte junior. Elke dag 60 minuten instructie en verwerking. Tijdens het werken in de weektaak is er aandacht voor automatiseren/herhalen; 60 min per week. |
Leerroute 2, 3 en 4
Binnen ZML staat één leerdoel per week centraal, waarbij de eerder aangeboden doelen op regelmatige basis herhaald worden.
Leerroute 2, 3 en 4 | Geplande tijd per week | Doelgerichte instructie en oefening |
Leerjaar 1-2 | 150 – 210 minuten | In de kleutergroepen werken we a.d.h.v. basisontwikkeling. Daarbij worden rekenactiviteiten zoveel mogelijk verweven in de dagelijkse activiteiten. Op momenten, passend bij het aan te bieden onderwerp zullen ook doelgerichte rekenactiviteiten worden aangeboden die aansluiten bij de doelen uit de leerlijn jonge kind. Hierbij wordt uitgegaan van 2 instructiemomenten per week.
|
Leerjaar 3 - 8 | 250 -300 minuten | Bij het ZML rekenonderwijs gaan we uit van de doelen van de leerlijn Rekenboog van CED, waarbij we verschillende bronnenboeken gebruiken. Elke dag 30 minuten instructie en daarnaast per week minimaal 2 uur verwerkingstijd via zelfstandig werken of digitale software. |
OZG > leerroute 1 en 2
Binnen de OZG-groepen wordt er thematisch gewerkt, waarbij de thema’s aansluiten bij de belevingswereld van de leerlingen. Binnen het thema worden de doelen uit het leerlijnenpakket OGB leerroute 1 en 2 aangeboden. OZG is nog volop in ontwikkeling, waarbij er gekeken wordt welke doelen haalbaar zijn binnen de leerlijnen en passend zijn bij het ontwikkelingsniveau van onze leerlingen. Binnen OZG wordt iedere dag minimaal één moment taal en één moment rekenen aangeboden.
Burgerschap:
Binnen burgerschap houden we de 6 kerndoelen (SLO, 2024) aan. Binnen de domeinen schoolcultuur, samenleving en democratie en maatschappelijke vraagstukken zijn de desbetreffende kerndoelen opgedeeld. De kerndoelen luiden als volgt:
1) Schoolcultuur
2) Diversiteit
3) Democratische waarden
4) Maatschappelijke betrokkenheid
5) Democratische betrokkenheid
6) Maatschappelijke vraagstukken
Visie per leerroute:
Leerroute 1-2: Leerlingen met uitstroom belevingsgerichte en activerende dagbesteding binnen onderwijszorggroepen.
Gezien het ontwikkelingsniveau van deze leerlingen, waarbij de gerichtheid nog voornamelijk op zichzelf of de directe/zeer nabije omgeving is, zal het aanbod ten aanzien van burgerschap zich voornamelijk richten op het sociaal emotioneel leren, de zeer nabije omgeving en het waar kan zo zelfstandig mogelijk functioneren binnen een beschermde omgeving.
Leerroute 3-4: Leerlingen met uitstroom arbeidsgerichte dagbesteding en uitstroom beschut werk.
Vanwege de diversiteit gezien het ontwikkelingsniveau van deze leerlingen, is dit niet als eenduidige formulering samen te vatten. Waar leerlingen zich bij leerroute 2 nog voornamelijk richten op zichzelf of de zeer nabije omgeving is, is leerroute 3 en 4 steeds meer gericht op de ander en zichzelf ten opzichte van de ander. Dit in de nabije omgeving (leerroute 3) of daarbuiten (leerroute 4), gericht op sociaal-culturele aspecten.
Leerroute 5-7: Leerlingen met uitstroom vervolgonderwijs of arbeid.
Gezien het ontwikkelingsniveau van deze leerlingen, begint het bij ‘ik in relatie tot de groep’. Hierbij ligt de nadruk met name op sociaal leren functioneren in de nabije omgeving. De gerichtheid komt steeds meer te liggen op ‘ik in relatie tot de school’. Waarbij we de school zien als mini-maatschappij. Vervolgens komt de gerichtheid steeds nadrukkelijker te liggen op ‘ik als burger in de maatschappij’.
Burgerschapsonderwijs is verweven in meerdere leergebieden binnen ons onderwijs. Ulingshof fungeert voor leerlingen als oefenplaats om kennis en vaardigheden op te doen en om te ervaren welke houding je aan kunt nemen als burger in Nederland. Rekening houdend met de verschillende niveaus van onze leerlingen besteden we aandacht aan burgerschapsvorming en sociale integratie binnen ons pedagogisch handelen, binnen wereld oriënterende vakken, leren leren, sociaal-emotionele ontwikkeling en projecten.
De leerkrachten op Ulingshof zijn bekend met de kerndoelen en integreren deze binnen het lesprogramma.
(Kwaliteitshandboek onderwijs en ondersteuning 5.2 Leerinhoud rekenonderwijs, 5.3 Leerinhoud Taal- en leesonderwijs en 6.1 Burgerschap).